 |
Slag bij Salamis -
Griekse beschaving

Nadat hij koning Cresus en zijn Lydische
Rijk, waartoe de Griekse kolonies vrij autonoom waren gaan
behoren, had overrompeld, kwam Cyrus de Grote in 546 v.Chr.
al dreigend aanzeilen, nadat hij Klein-Azië had buitgemaakt.
Het zou echter duren tot 490 v.Chr. eer de Perzische koning
Darius I een rechtstreekse aanval op Hellas waagde.
De Atheners versloegen hem bij Marathon in Attica.
Net voor die tijd hadden zij de hulp van Sparta ingeroepen,
maar de agenda van de stoere krijgers liet geen hulp toe:
zij zaten volop in een religieus feest.
Tien jaar later kwam Xerxes opnieuw met een Perzisch leger
aankloppen, de zoon van Darius.
Hij sloeg in 481 v.Chr. een brug over de Hellespont (de
huidige Dardanellen) met driehonderd schepen, die naast
elkaar werden gemeerd.
Xerxes l kreeg in 480 v.Chr.
de Spartanen klein in de pas van Thermopylae, waar Leonidas
de moedige leider was, maar verraden werd door een
landgenoot die de Perzen een andere weg naar de pas toonde.
De Spartanen vochten tot de laatste man.
Xerxes stootte door naar Athene en brandde de verlaten stad
plat.
Hij achtervolgde dan met zijn vloot de vluchtende Atheners,
maar Themistocles kon met zijn 400 oorlogsbodems de
Perzische vloot, die meer dan 1200 schepen telde, genadeloos
vernietigen bij Salamis, een niet ver van Athene gelegen
eiland in de Saronische Golf.
De veldslag bij Plataea in 479 v.Chr. vormde het hoogtepunt.
De Griekse soldaten zegevierden, aangevoerd door een
Spartaans generaal.
 |
 |